Showing posts with label Dionisus. Show all posts
Showing posts with label Dionisus. Show all posts

12.9.08

microcosmos versus macrocosmos

« van chaos naar logos | no picture please | es ist was es ist »

Deze week behandelen we de Griekse tragedies. Heerlijk dacht ik.
Even geen Plato, geen Kant of andere filosoof die het primaat van de rede aanhangt.
Als ik de theorie van Plato lees of welke andere rationele filosoof dan draaien mijn hersenen in een knoop.
Dat voelt niet als gezond.
Maar nu. De Griekse tragedie, mijn eigen vakgebied.
Twintig jaar dramaturgie bestuderen zal toch wel enig gewicht in de schaal leggen.
Niet dus. ken mijn plek nog niet als freshman. Je weet niks en je antwoorden zijn bij voorbaat kul is de boodschap.
Behalve als je precies zegt wat de professor wil horen.
De professor is filosoof en wiskundige. Hij is niet goed thuis in de tragedies en dat zegt hij ook.
We hebben het over de Agamemnon. Over de innerlijke conflicten in het stuk Agamemnon.
Voor wie het stuk niet kent, Agamemnon is getrouwd met Clytaimestra.
Agamemnon trekt ten oorlog tegen Troje omdat Paris, Helena geschaakt heeft.
Op zee komt het leger in een windstilte terecht waardoor de vloot niet meer vooruit komt.
De bemanning dreigt te sterven.
Artemis, de godin van de jacht die boos is op Agamemnon is hier schuld aan maar heeft ook de oplossing.
Ze zegt tegen Agamemnon dat hij zijn dochter Iphiginea moet offeren.
Agamemnon doet dat zonder enig schuldgevoel.
Clytaimestra is daar nogal boos over en dood -bij terugkomst na de overwinning op Troje- haar man.

Nu was de vraag. Wat zijn de ethische conflicten in de Agamemnon.
Ik noemde het conflict van Clytaimestra. Moet je een kindermoordenaar straffen.
Mag je je eigen man doden.
De professor lacht me uit. Clytaimestra heeft helemaal geen conflict. Ze heeft een bijrol in het stuk.
Ze heeft een minnaar genomen terwijl haar man op zee is, oorlog voeren voor een goede zaak.
Tja, dat Clytaimestra een minnaar neemt terwijl haar man tien jaar ervan tussen is ...
Agamemnon heeft Clytaimestra's man vermoord.
Na de moord heeft hij haar met geweld tot vrouw genomen terwijl ze zwanger was van haar vermoordde man.

Agamemnon koos voor de eer van de staat. Clytaimestra zoomt in op het gezinsleven.
Je mag niet je eigen dochter vermoordden, in geen enkel geval.

Dat is wat me zo tegen staat aan de 'grote' filosofen. Die hebben alleen oog voor de grote zaak.
De Eer. De Rechtvaardigheid. Het Goede. En of je daar een zoon of dochter voor moet offereren: tan pis.

In een dorp niet ver van Maastricht woont een gezin.
De dochter heeft een relatie met een jongen waar de moeder het niet mee eens is.
Te jong, slechte invloed. De moeder besluit het kind op kostschool te sturen naar België.
De dochter is het daar niet mee eens. Ze gaat naar de winkel om rattengif te kopen.
Rattengif is niet zomaar vrij te verkrijgen maar konijnengif wel.
De dochter serveert haar moeder een kopje konijnengif-thee.
Als de moeder de theepot wil afwassen vind ze de niet opgeloste korrels gif onderaan de pot.
Ze gaat ermee naar de politie en ontdekt zo dat haar dochter haar heeft willen vermoorden.

Dat is waar voor mij de ethiek begint. Je kan zoveel definities van het Goede en het Juiste bedenken.
Als een kind dat het geen punt vind om haar moeder te vermoorden om te voorkomen dat ze haar vriendje kan zien, dan ligt de zware taak in het gezin om kinderen het besef bij te brengen dat dit niet kan.

In die zin kan ik Clytaimestra's woede goed begrijpen. Agamemnon geeft niks om zijn gezin.
Een dochter offeren, geen punt. Een minnares meenemen als oorlogsbuit geen punt.

En nu zal de professor wel weer aanhalen dat Clytaimestra ook een minnaar had.
Het verschil tussen hun beide is dat Agamemnon zijn minnares, triomfantelijk in de openbaarheid toont.
Clytaimstra houdt haar overspel binnensdeur.
Beide moreel verwerpelijk maar in het laatste geval toch met het besef ervan.

Ik denk dat het je eerst moet lukken om ethische principes binnenshuis voor elkaar te krijgen.
Iemand die dat niet kan mag zich niet uitspreken over ethische principes die voor iedereen moeten gelden zoals Agamemnon dat doet.



Anna

8.9.08

week twee

« es ist was es ist | no picture please | stil leven »

Loop naar de collegezaal. Om negen uur begint het college.
Vreemd. Vorige week om deze tijd liep ik in een colonne van studenten.
Studenten herkenbaar aan hun rugzakjes en doelgerichte snelle tred.
Allemaal snel lopend richting collegezaal.
Nu zijn de stoepen leeg. Vreemd.
Het college is al begonnen een half uur eerder dan ik dacht.
De zaal is maar half zo vol als bij het eerste college.
Meer mensen hebben het rooster slecht gelezen, of laten hun tweede college al schieten.

In de werkgroepen praten we verder over Plato.
Als het verstand maar de baas is komt alles goed, zegt Plato.

In de pauze praat ik voor het eerst met mijn mede studenten.
Of in de pauze durven mijn mede studenten voor het eerst met mij te praten.
Waarom nog studeren en hoe te combineren met werk is de vraag.

Die laatste vraag ligt mij steeds zwaarder op de maag.
Heb een vrij goed lopend freelance bestaan met genoeg opdrachten om van te 'leven'.
Nu heeft mijn grootse opdrachtgever het idee opgevat om mijn werk in India te laten uitvoeren.
Tegen globale prijzen valt niet te concurreren, dus dat werk ben ik kwijt.
Een uitgeverij denkt zoals Plato, rationeel. Een boek zo goedkoop mogelijk uitgeven.
In India zijn de productiekosten lager dan in Nederland.
Het is alleen zo dat naast de ratio ook de emotie bestaat.
En dan niet de emotie in verstorende zin.
Maar emotie in de zin van passie.

Mijn verbintenis aan de uitgeverij was ook een emotionele.
Een drive om mijn werk zo goed mogelijk te doen.
Die kan je niet kopen. Die ontstaat.

Anna

4.9.08

Plato's grot

« stil leven | no picture please | de ratio aan het werk gezet »


Na een week met alleen maar teksten bezig geweest te zijn krijgen we dan eindelijk een plaatje te zien.
Plato's grot. De professor heeft de afbeelding zelf gekopieerd uit aardigheid.
Kijk naar de tekening van Plato's grot. De tekening van de grot en de beschrijving van Plato zelf kloppen niet.
Dat zeg ik ook. Dat flap ik er zo uit.
Oh, zegt de professor, dat moet je me dan nog maar eens aantonen.

Verder gaan we met de les.
Hoe zag Socrates eruit vraagt de professor.
Er wordt wat gemompeld her en der.
Hoe Socrates eruit zag. Easy peasy. Dat is een plaatje.
Beschrijf Socrates, met zijn blote voeten, zijn stinkende kleding, zijn arrogante pas, zijn uitpuilende ogen, zijn lange haar, terwijl kort in de mode was.
Hij was dus gewoon een lelijke man met een dikke buik, onderbreekt de professor me.
Hij had geen dikke buik, hij was juist heel mager, kan ik niet nalaten te zeggen.

De professor is een filosoof en wiskundige. Hij weet daar erg veel van.
Hij ziet er alleen geen plaatjes bij. Hij verzint een beeld van Socrates terwijl hij in de logica heel steng is.
Hij geeft een beeld van Plato's grot dat ongeveer klopt terwijl dat in de logica of de wiskunde onacceptabel zou zijn.

De wereld van de beelden en de woorden botst, gelijk de eerste week al.
Toch schenkt het me enig genoegen dat het voor de denkende professor evenveel moeite kost zich iets te verbeelden, als het voor mij kost om zonder beelden te denken.

In de klas zijn er twee nieuwe jongens bij gekomen.
De een weet veel van filosofie. Hij maakt opmerkingen als, maar Kant zei toch....
Terwijl we net op de denkwereld van Socrates en Plato hebben zitten ploeteren gooit hij Kant in de groep.
De andere jongen is gristelijk en praat heel veel en vooral heel zacht.
Als ik zeg dat zijn binnen-mond-gepraat niet goed te verstaan is, zegt hij, sorry, ik was gewoon hardop aan het nadenken.
Duh.

Anna

2.9.08

De ratio aan het werk gezet

« Plato's grot | no picture please | apollo en dionysus »


Dus ze gaan er gewoon vanuit dat je Engels kan lezen, zegt M.
Het is nog veel erger, zeg ik.
Frans ook, vraagt M. verbaasd.
Veel erger, zeg ik en laat een bladzijde zien uit Copleston, a History of Philosophy, Greece and Rome.
Op de bladzijde die ik laat zien, staat midden in de zin een woord in het Grieks, onvertaald in het Grieks alfabet.
Beetje arrogant van de schrijver vind ik het wel. Het idee van filosofie is toch om er wijzer van te worden.
Om kennis te delen. Nu kan ik het woord niet eens zelf opzoeken.
Nu moet ik de hulp vragen van een mede-leerling die wel Grieks gestudeerd heeft.

van chaos naar logos
Het eerste college lijkt mee te vallen. Kan het allemaal volgen.
De professor lardeert haar verhaal met voorbeelden in de vorm van verhaaltjes afgestemd op 18-jarigen die voor het eerst gaan studeren. Mijn gedachten dwalen af bij die verhaaltjes.
Dat is niet zo slim. Het volgende verhaal is een voorbeeld van een paradox. Er komt geen reactie uit de zaal.
Ik geloof dat meer studenten het verhaal niet begrepen hebben. Bij mij nog erger, ik heb het niet alleen niet begrepen, ik heb het verhaal niet eens gehoord.
Opletten, Anna.
Daar moeten jullie thuis dan nog maar eens over nadenken, zegt de professor.
Dan de onderwijsgroep, de professor is totaal niet onder de indruk van mijn oh zo creatieve beroep. Hoezo beroep. Dit is studeren. Hoezo erbij werken. Hij lacht me nog net niet uit.
Die avond doe ik het werk dat ik normaal overdag doe.
Ben doodmoe van het afgelopen weekend. Een fotoshoot, een bruiloft fotograferen en al die foto's uitzoeken en bewerken. Wordt wakker met een zere keel en een stem die zich verstopt.
Lees mijn taak-opdrachten voor donderdag as. Amai, al die teksten lezen in twee dagen.
Teksten van Socrates en Plato. En waar zijn die te vinden? In de bibliotheek.
Hoe lang geleden ben ik in een bibliotheek geweest.
De teksten moeten worden gekopieerd.
Het kopieerapparaat in de bibliotheek werkt alleen op je studentenkaart die je kan opladen als een chipknip.
Wordt al moe aan het idee om dit te moeten uitpuzzelen.
Het valt mee. De lockers werken als de bagagekluizen op het station.
De studentenkaart-chipknip is ook snel gevonden.
Nu nog de boeken vinden die ik nodig heb.
Bij de kopieerapparaten staan rijen. Iedereen wil teksten kopiëren.
Sommigen kopiëren complete boeken. Dat duurt.
Vraag aan de boeken-kopieerster of ik even tussendoor mag.
Dat mag.
In mijn haast om haar niet te lang op te houden maak ik drie mis-copy's.
Alsof ik de teksten uit de Copleston gehaald heb.

Socrates en Plato
Ik weet het niet met die Socrates en Plato.
Socrates kreeg terwijl hij zo hard nadacht over een probleem soms ernstige aanvallen van afwezigheid.
Hij was lelijk. Hij pijnigde zijn hersenen zo hard dat hij er aanvallen van kreeg.
Ben te moe om na te denken.
Heb steeds meer sympathie voor de Sofisten die veel pragmatischer waren en al de kennis van Socrates gebruikten in hun voordeel. Goed kunnen redeneren komt van pas in een rechtszaak.
Zo moe. Mijn hoofd verlangt naar beelden.
Socrates was echt een lelijkerd. Hij lijkt in niks op de beelden die je van hem op het internet kan vinden. Ik zou wel eens willen weten hoe hij eruit had gezien in het echt.
Nu moet ik eerst uitrusten. Dat nadenken is goed en aardig maar je kan er ook ziek van worden.

remote-control
Haal M. op van het station. Op het perron staat een mevrouw verkleed als een cadeautje.
Ze is gehuld in pakpapier en houdt en bordje voor haar heup, gefeliciteerd met je verjaardag.
Ze kijkt me heel blij aan maar ze kijkt langs me naar de jarige voor wie deze verassing bedoelt is. De jarige weet niet goed wat te doen met dit eerbetoon. Om zich een houding te geven maakt hij een foto van de vrouw verkleed al verrassing. Ze heeft cadeau-papier om zich heen gedrapeerd, een sliert ballonnen en het felicitatie-bordje. Het cadeau-papier is met touw om haar lichaam gebonden en als het stel naar huis wil gaan zie ik hun worstelen met de touwtjes.

Op weg naar huis zie ik een man zijn auto afsluiten met zijn afstand-bediening.
Hij is al een aantal meters verwijderd van zijn auto eer hij hem sluit met zijn remote.
Zou dat zo moeten? Je auto pas vanaf en afstand sluiten met je afstand-bediening

M. belt. Hij zegt dat Closer op televisie is op RT8. Closer is een stuk waar we het decor voor ontwerpen terwijl ik zo nodig wil studeren. Zet de televisie aan en de computer uit

Anna

26.8.08

Apollo en Dionysius

« ratio aan het werk | no picture please | waterprocessie maastricht 9 »

Een jaar naar toegeleefd. De eerste dag, De eerste studiedag aan de universiteit.
Wat is het, inhaal-spijt-studie? A career-change? Maakt het wat uit?
De introductie-dag. Probeer niet te focussen. Niet te zien hoe jong ze zijn, mijn mede-studenten.
Dat wist je toch, Anna. Ze zijn jong en jij niet. Toch. Stille hoop. Een paar medestanders.
Een paar lotgenoten tussen de, hoeveel zijn het er, driehonderd? eerstejaars. Niemand, jawel, één oudere student.
Ze negeert me, of verbeeld ik me dat maar. Ze praat geanimeerd met de studiebegeleider.
De studiebegeleider zegt tegen haar dat het lijkt alsof ze zich al helemaal thuis voelt op de opleiding.
Dat zou ik ook wel willen. Niemand praat tegen me. Ik heb het gevoel onzichtbaar te zijn.

Vanochtend kreeg ik een email van mijn nichtje. Vrijdag as. zal ik haar bruiloft fotograferen.
Meneer pastoor heeft gevraagd voor een professionele fotograaf. Een 'onzichtbare' fotograaf.
Een fotograaf die niet hinderlijk aanwezig is bij een plechtigheid. Dat kan ik wel, onzichtbaar zijn.
Vandaag heb ik niks aan mijn vermogen tot onzichtbaarheid.

De studie-leider geeft een inleiding over de opleiding. Teksten, zegt hij. Wij gaan ons bezig houden met teksten.
Na de introductiedag loop ik naar huis met een plastic zak vol met teksten. Drie boeken, twee readers en een stencil. Blader in de boeken. Het eerste boek is gezet in een lelijk lettertype. Veel te vet.
De reader is slordig opgemaakt met lelijke plaatjes.
Het is me duidelijk. Anna, opgeleid als vormgever, is ingetreden in de wereld van de tekst.
De overgang is te abrupt. Op weg naar huis loop ik de fotovakwinkel binnen.
Laat me voorlichten over het nieuwste fototoestel en welke lens daar dan bij hoort.
Wordt in de watten gelegd als vaste klant. Twijfel, een nieuw toestel.
Zal ik nog genoeg foto-opdrachten krijgen nu ik ga studeren.

Loop naar de AH. Kom M. tegen voor mijn fotoshoot van vrijdag as. Ze straalt.
Er is iets met je, zeg ik.
Dat klopt, zegt ze. Ik ben verliefd.
M. is op haar vakantie een nieuwe liefde tegen gekomen.
Het is je aan te zien, zeg ik.
Hij woont ver weg, zegt M. Net zo ver weg als jou geliefde.
Dat is ver, zeg ik.

Anna

Older Posts

Label Cloud

Search

© no picture please